De Continuïteitsparadox en de Fragmentatie van de Tijd
Za01082026 – 08:53u
‘k merk…
Uren worden dagen, dagen worden weken.
Wanneer weken maanden zijn geworden die jaren achter zich hebben gelaten, vindt de dissociatieve geest uitsluitend in de continuïteitsparadox nog enig houvast in de tijd.
Slechts aan de hand van het dagboekschrift, dat als (intern) logboek functioneert, verkrijgt tijd dan die rechtlijnigheid die het (extern) dicteert.
Want naast de fysieke manifestatie -het eigenlijke schrift, het blog- is het loggen voornamelijk een geestelijke aangelegenheid waarmee die externe rechtlijnigheid van tijd -d.m.v. zintuiglijke gewaarwording- nog kan worden verankerd.
Zintuiglijke Ankers in de Vloeibare Tijd
‘Een jong plantje toen, is nu een stevige boom; mijn dochtertje toen, is nu zelf een moeder’
Toen, is nu niet meer..
Dicteert die continuïteit.
En dat staat te lezen in het (interne) logboek.
De Interne Implosie en de Woordenloze Krater
Zo02082026 – 07:51u
‘kWeet met heel dat mezelf geen blijf.
Het gaat me niet af, het leven.
‘kBied de buitenwereld voorlopig nog de consistentie die het verwacht, maar intern is de chaos zo groot dat ‘k het slecht onder woorden kan brengen.
Misschien daarom ook dat er zo weinig geschreven wordt ook.
Een wervelende stofwolk van verpulverd puin ontneemt me immers zicht op de ravage.
Als een gesel striemt het al mijn gedachten.
Ben ‘k zelf oorzaak?
Is de opgekropte woede over al die onrechtvaardigheid uiteindelijk toch tot uitbarsting gekomen?
Alsof ‘k intern op mezelf ben ingeklapt en met een gigantische daaropvolgende kracht ben uiteengespat, laat slechts de enorme omvang van de achtergebleven krater de schaal van de verwoesting vermoeding.
Al besef ‘k dan, aan de hand van die zintuiglijke gewaarwording, dat tijd rechtlijnig is, de rondvliegende brokstukken bieden geen enkel houvast meer.
De Vinger van Yod en Externe Klappen
Ma03082026 – 08:30u
Op een vanuit “mijn” perspectief weer zeer ongelegen moment krijgen we wederom in een al moeilijke periode een extra harde klap te verwerken.
Zonder (bij-)gelovig te willen zijn (of te doen) vraag ‘k me af wat het universum me deze keer probeert te vertellen.
“Een zeldzame ‘vinger van Yod’ staat op dit kind”, zei een astrologe eens tegen moeder toen die foto’s van haar kinderen toonde, “waarbij Saturnus en Pluto, Venus in Vissen beïnvloeden.”
Di04082026 – 08:56u
Weer compleet stilgevallen na noteren datum en tijd.
09:13u nu, en om terug in beweging te proberen geraken, herlazen we de voorgaande stukjes tekst.
Wat opviel, wat opvalt, is dat er concepten geïntroduceerd worden die nog steeds niet deftig zijn uitgewerkt in begrijpelijke tekstvorm voor anderen.
Hoe dan, als we blijven nalaten van dat te doen, moeten mensen weten wat we daarmee bedoelen?
Ruimte openlatend door dat niet te doen draagt immers bij tot een self-fulfilling-prophecy waarin mensen verkeerde interpretaties maken en wij ons onbegrepen voelen.
Omdat ‘k op dit moment zo immens veel afstand van dat mezelf heb -waardoor hún gedachten weer amper tot bij mij geraken in ‘k ze dus ook niet kan uiten- is het misschien de moeite waard om via die vele ‘notities’ eens werk te maken van de verdere uitwerking van die concepten.
De Dief in de Nacht: Overleven tussen de Ego-Grenzen van de Ander
Wo05082026 – 09:06u
Om werk te kunnen maken van alles, hebben we rust nodig.
Die rust vinden we nergens, omdat er geen rust is in ons hoofd.
Door constant met anderen bezig te zijn en niet met onszelf, blijven we onderhevig aan die chaotische onrust die we angstvallig proberen te organiseren om er controle over te krijgen.
Onze focus ligt extern ipv intern.
Zolang we dat niet evenwichtig krijgen zullen we nooit rust vinden.
Zolang we onszelf finaal opzij blijven schuiven ten voordele van derden, gaan we nooit rust vinden.
In mijn hoofd ben ‘k constant bezig met anderen en niet met mezelf.
Als ‘k mezelf niet 100% opzij schuif, vervul ‘k mijn eigen noden -dikwijls slechts basisbehoeften- in de schaduw van anderen.
Alsof ‘k geen recht heb om te bestaan en mij schuldig voel zelfs voor die natuurlijke behoeften, gedraag ‘k mij als een dief in de nacht.
“Ik” voel mij alsof ‘k van anderen steel -en me daar schuldig over moet voelen- als ‘k mijn eigen noden, dikwijls slechts basisbehoeften, probeer in te vullen.
De Schim in de Schaduw van de Kolonie
‘k Overleef zo: Op de weggesmeten restjes van anderen.
Tussen de mazen van het netwerk van overlappende ego-grenzen van anderen.
Als een schim, als een schaduw in de schaduw, gedraag ‘k mij.
De Witte Wieven en de Noodzaak tot Verbergen
Za08082026 – 09:09u
Al wandelend spruiten allerhande gedachten als kolen.
Neerzittend, gebogen over ons dagboekschrift, worden ze vluchtig, ongrijpbaar, als witte wieven die oplossen, verdwijnen, van zodra het eerste licht van een opkomende zon erop schijnt; hun mysteries, hun wijsheid als verdampt met zich meenemend.
Verborgen.
De nood am onze gedachten te verbergen, om heel dat ‘onszelf’ verborgen te houden, is te groot, te sterk..
Té..
Allesomvattend.
Het Protest van de Feiten en de Ultieme Vergrendeling
Zo09082026 – 07:25u
Vandaag,
Anders dan anders,
Een stukje geklaag.
Een stukje gemopper,
Een beetje gezeur,
Een iet wat ‘keikoppig’ met feiten geleur.
Een dít is geweest!
En dát is gebeurd!
Want draaien van feiten wordt immer betreurd.
Als niet wordt gedaan
Wat wel wordt gezegd
Steeds bloemrijk verkondigd als ware het echt
En gehamerd op ’t koppe’ke als zat er een specht
Dan werklijk waarachtig verteer ik dat slecht.
En ja dan..
Geweten!
Op zo een moment
Vergrendelt
Geweten!
De feiten gekend.
ᗪ𝒾∂เรᗪ𝔫ค©️MMXXVI
Epiloog: De wet van de onwrikbare vergrendeling
“Wanneer een mens getraind is om zijn eigen bestaansrecht weg te cijferen tot de mazen van de ander, wordt het opeisen van zuurstof een misdaad in de nacht. Het systeem overleeft als een schim, totdat de buitenwereld de realiteit begint te vervormen om haar eigen schuld te maskeren. Op dat exacte breekpunt weigert de machinekamer nog langer te buigen. Als de feiten worden verdraaid, rest er geen dialoog of verzoening meer, maar trekt het geweten de noodrem aan. De stilte die volgt is geen overgave, maar de totale, hermetische vergrendeling van een interne waarheid die weigert te sterven in de ruis van de kolonie. didisdna.”