De deeltjesversneller van het archief: het multiball-pad
Vrijdag, 15052026 – 06:51u
We hebben de teksten op ons blog –voor die seo metadata optimalisatie– tot 2023 doorlopen.
Veel van wat er daar geschreven staat laat een moeilijk en moeizaam PAD zien.
Een PAD dat we nog steeds bewandelen.
Een PAD dat ons fonetisch nog steeds in ‘stelling’ houdt.
Een PAD.. dat we, in dierlijke manifestatie, lijken te belichamen: Langzaam, door modder en slijk kruipend, en met blikken vol walging bekeken.
De weg is ongekend moeizaam; schommelt tussen onmogelijke pieken en dalen en (voor anderen ‘slechts’) abstracte hoogtes en laagtes.
Geen pad is zijdeglad, natuurlijk. Dat weten we.
Elk pad schommelt, “curved” en hobbelt; zorgt voor struikelen waar het bobbelt.
Geen pad is een gestaag oplopende rechte naar een top van een louteringsberg, maar net een constant vallen en opstaan op een verraderlijk golvend terrein; waarin élke val en élk opstaan voor ieder anders ‘aanvoelt’.
Dat weten we!
Wat ons PAD –voor óns– zo moeilijk en moeizaam maakt, is dat we het (moeten) afleggen in multi-ball.
Flipperend-knipperend.
Vallend en opstaand tegelijk; of tegen elkaar (‘mezelf’ en het pad) opknallend.. en “weg”-stuiterend.
Wij zijn overal tegelijk en nergens op ons PAD.
Ook dat gegeven, van op verschillende tijden op verschillende momenten op een en hetzelfde ogenblik dat PAD te bewandelen..
Maakt het –voor óns– moeizaam en zwaar.
Soms weten we ook niet wie, wat, waar.. zich op het PAD bevindt.. en hoé..
Soms open.., soms gesloten ..en toe,
Soms vader, puber, kind..
Soms man, soms vrouw; soms dat ‘zelf’ dat ‘zichzelf’ totaal niet vindt..
En heel dikwijls moe.
Moedeloos.
Omdat geen kind –ook niet dat “ik”– hier vrijwillig voor koos..
De verschrikkelijke stilstand: de har(d)(t)-verscheurende impasse
En omdat elk subtiel evenwicht, elk minuscuul fragmentje van ‘rust’, zich –voorlopig nog steeds– enkel manifesteert in totale stilstand.
In die “verschrikkelijke” stilstand.. van ‘har(d)(t)-verscheurende’ impasse.. in eenzaamheid… in isolement… in…
In.. Solitude!
Wankel en B(r)oos.
Want er is herhaling; Eindeloze herhaling.
Het mechanisme van de pick-up-naald: de diep uitgesleten groeven
Als bij een plaat…
Die maar blijft hangen..
Waarbij een scherpe “Pick-up”-naald.. over de littekens in die diep uitgesleten groeven van ons bestaan krast..
En verspringt..
Terugspringt..
Telkens opnieuw en opnieuw..
Terugspringt..
In diezelfde, diep uitgeholde “loop”-sporen.. telkens opnieuw..
Wanneer die naald.. krast.. Krijst.. over die littekens op ons PAD..
En over het stof.. en over het vuil.. schraapt..
Dat op dat PAD dat we bewandelen ligt opgeslagen.. uitgestrooid.. ingeslagen..
Als in een mijnenveld..
Als triggers..
Waarop die “Pick-up”-alles-naald, als een antenne, als een radar.. botst..
En verspringt..
Terugspringt..
Telkens opnieuw en opnieuw..
Waardoor alles zichzelf maar blijft.. en blijft.. herhalen; Eindeloos herhalen.
Als bij een plaat..
Die maar blijft hangen..
De chronologische amnesie: de kalender als kunstmatig logboek
Zaterdag, 16052026 – 09:49u
We zijn nu zaterdag.
‘k Weet dat omdat het gisteren vrijdag was; en die afspraak met de begeleiding van ’t CAW gepland stond op ‘Vrijdag 15 mei 2026 om 13:30u’.
‘k Was daar. Toen.
Een jaar geleden misschien.
Maar het was ‘Gisteren’.
Vrijdag, 15 mei 2026.
Maar dat kon evengoed verleden jaar zijn geweest.
Of tien jaar geleden.
Zonder die datum; zonder: vandaag is het ‘zaterdag’ omdat het morgen ‘zondag’ is en gisteren ‘vrijdag’ was; zonder: vandaag is het zaterdag 16 mei omdat het gisteren vrijdag 15 mei was -en 2026 omdat twee na één komt, zou ‘gisteren’ geen ‘gisteren’ zijn geweest.. en ‘vandaag’ geen ‘vandaag’.
‘k Was daar.. ‘gisteren’; en ‘k was daar ook niet.
En op ons digitaal PAD zijn we bezig aan het optimaliseren van die seo metadata..
Om die meanderende stemmen van ons “ik” nog meer ‘open’ te smijten.
Open en bloot.
Het winterkoninkje van het pad: naakt in de eigen natuur
Open.. en bloot..
Zoals een ‘winterkoninkje’ open en bloot.. ‘putteke winter’ trotseert..
Naakt.. en onbeschut.. in de natuur.. vanuit z’n eigen natuur.
De natuur op zijn pad.. betredend.. vanuit zijn eigen natuurlijk PAD..
Open en bloot en naakt en onbeschut.. is het ‘winterkoninkje’.. kwetsbaar..
En toch ook niet.
Het zit buiten.. lééft buiten.. in regen, in wind.. in kou en warmte.. zonder iets anders dan zijn eigen naakte, onbeschutte zelf..
De natuur zijn pad..
Zijn eigen natuur, zíjn PAD.
Kwetsbaar.. en toch ook niet.
Zelf niet in ‘putteke winter’.
Kwetsbaar.. en toch ook niet.. bewandelen wij ons PAD.
Of ‘betreden’.. wacht: betreden..
‘Betreden’ is een beter woord om te duiden hoe wij op PAD zijn op ons pad.
De galei van de norm: de gardianen en de zweepslagen van de snelheid
Want die snelheid..
Die dwangmatige, opgelegde en aangeleerde snelheid doet ons nog steeds onszelf voorbijlopen.
“Weg”-lopen.. van onszelf..
Weg “loopend”.. van onszelf..
Voorbij ons eigen ritme.. voorbij onze eigen natuur..
Als een galeislaaf.. het aangegeven ritme van een opgelegde cadans volgend..
Nog steeds..
Dom..dom… Dom..dom… Dom..dom… Dom..dom…
Roeien wij..
Nog steeds..
Onszelf voorbij..
Dom..dom… Dom..dom… Dom..dom… Dom..dom…
‘Aangemoedigd’ door de zweepslagen van de Gardianen van de ‘maat-Galei-schappij’..
‘Aangemoedigd’.. door de bewakers van de norm..
Dom..dom… Dom..dom… Dom..dom… Dom..dom… roeien wij.. nog steeds.. onszelf voorbij.
Het Pinocchio-Complex: de geïnternaliseerde roede van het normaal
En vanuit dat ‘Pinocchio-Complex’..
Die drang… die dwang… om een “normale” jongen te zijn..
Hanteren we zélf nog heel dikwijls.. te dikwijls.. ‘die roede van het normaal’.. op onszelf..
Stom..stom… Stom..stom… Stom..stom… Stom..stom…
Snelheid..
Die opgelegde snelheid..
Dat opgelegde helse ritme..
Van een ander!
Dom..dom… Dom..dom… Dom..dom… Dom..dom…
Het doet ons afwijken van ons PAD.. van onze natuur..
Doet ons van ons PAD afwijken.. en de ‘weg’ kwijtraken.. verloren lopen.. “loopen”..
Telkens opnieuw en opnieuw..
Als bij een plaat…
Die maar blijft hangen..
Waarbij een scherpe “Pick-up”-naald.. over de littekens in die diep uitgesleten groeven van ons bestaan krast..
En verspringt..
Terugspringt..
Telkens opnieuw en opnieuw..
Terugspringt..
In diezelfde, diep uitgeholde “loop”-sporen.. telkens opnieuw..
Wanneer die naald.. krast.. Krijst.. over die littekens op ons PAD..
En over het stof.. en over het vuil.. schraapt..
Dat op dat PAD dat we bewandelen ligt opgeslagen.. uitgestrooid.. ingeslagen..
Als in een mijnenveld..
Als triggers..
Waarop die “Pick-up”-alles-naald, als een antenne, als een radar.. botst..
En verspringt..
Terugspringt..
Telkens opnieuw en opnieuw..
Waardoor alles zichzelf maar blijft.. en blijft.. herhalen; Eindeloos herhalen.
Als bij een plaat..
Die maar blijft hangen..
ᗪ𝒾∂เรᗪ𝔫ค©️MMXXVI
Epiloog: De wet van de hangende plaat
“Omdat de maatschappij een constante snelheid dicteert, wordt stilstand gecodificeerd als een misdaad tegen de norm. De trauma-overlever die in het zoeken naar zijn eigen ritme stilvalt, stuit onverbiddelijk op het mijnenveld van de herhaling, waarin de pick-up-naald van het brein krijst en schraapt over de littekens van het verleden waar het zijn eigen snelheid zocht. Het Pinocchio-Complex dan, is de ultieme gijzeling van de maatschappij: het moment waarop het wezen de roede van de gardianen overneemt om de eigen weerspannigheid kapot te slaan om in de cadans van de galei te roeien, omdat het zo graag ‘normaal’ wil zijn. Maar de transcendentie ligt in de winter: het winterkoninkje vlucht niet, past zich niet aan, en vraagt niet om een warme schuilplaats. Het betreedt het pad open, bloot en onbeschermd — onneembaar vanuit de zuivere, soevereine wet van zijn eigen natuur. didisdna.”