Het kost altijd even tijd en moeite om aan een nieuw dagboekschrift te beginnen.

Alsof er zich tussen het afsluiten van het vorige en het beginnen aan een volgende een kloof bevindt, die eerst nog overbrugd dient te worden.

Alsof er met het nieuwe dagboek niet kan en mag worden begonnen, vooraleer er duidelijkheid is over het PAD dat daarmee zal worden bewandeld.

Dat klinkt nogal resoluut.

Maar schijn bedriegt.

Het is namelijk absoluut niet zo, dat er een duidelijke weg naar een duidelijk doel voor de geest staat.

Eerder is het, alsof er met het afsluiten van het vorige dagboek aan een eindpunt aangekomen is en er beslist moet worden welke richting er zal worden uitgegaan.

Zonder daarbij te weten waarheen die richting dan uiteindelijk zal leiden.

Het PAD -dat we sinds 2017 aan het bewandelen zijn- is namelijk een onbestaand pad.

Elk dagboekschrift op zich, is als het zich een weg hakken, doorheen een overwoekerd oerwoud, zonder enige richting, zonder enige hulp.

Het afsluiten van een dagboek voelt dan aan als het op een punt aangekomen zijn, waarop niet verder kan worden gegaan.

Een klif.

Een dodelijke.. Of zo.

Een nieuw dagboekschrift is dan als een beslissing die genomen wordt..

Om niet die afgrond in te duiken.

Van dat punt, vanaf die ‘klif’ -het einde van een dagboek, moet er dan beslist worden, wat er nog gaat gebeuren.

Zonder richting, zonder oriëntatie..

Zonder ook maar iets..

Moet er daar, ter plekke, beslist worden..

Hoe, en óf, we ons nog verder een weg gaan banen.

Een PAD.

Die ‘pauze’, tussen twee dagboekschriften in, als het daar, aan die klif, nadenken..

Over wat we nog kunnen doen..

Willen doen..

Gaan doen..

Proberen..


𝒾∂เรᗪ𝔫©️MMXXV

Je kan misschien ook genieten van:

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *