Over ondergrondse verbindingen, de metafoor van de paddenstoel en het stoppen met lopen op eieren.
Zijn onze gedachten van onszelf, of zijn ze de ‘vruchtlichamen’ van een ondergronds netwerk van overlevingsmechanismen? In deze bouwsteen van de ICMe-theorie introduceren we de mycelium-metafoor voor trauma. We onderzoeken hoe we onszelf verliezen in de verantwoordelijkheid voor de emoties van de ander en waarom het posten van een ‘onaffe’ tekst een daad van pure zelfbevrijding kan zijn.
-5 minuten leestijd-
Ma04032024 – 08:04u
Al vind ‘k zelf dat die tekst over “het Individueel-Collectief-Membraan”, waar op de computer aan begonnen was, niet voldoende uitgewerkt is, toch heb ‘k hem op dat blog gesmeten.
Misschien, zo denk ‘k, omdat er een gevoel is dat er te veel teksten in de schaduw blijven; en dat er, door die teksten niet verder uit te werken en daardoor niet open te stellen, omdat ze nog ‘onaf’ zijn, te veel ongezegd blijft.
Misschien, omdat ‘k “mezelf” zo moeilijk waarde en bestaansrecht kan geven, ligt het niet verder uitwerken van die teksten wel mee in die “met verstomming geslagen”.
‘k Zeg misschien, ook al is het waarschijnlijk niet misschien, omdat dat niet de énige reden is.
Zoals met alles bij ons zitten er veel meer ondergrondse verbindingen en vertakkingen aan vast, dan hetgeen er op een enkel gegeven moment bovengronds tot uiting komt.
Het mycelium: De ondergrondse vertakkingen van ons gedrag
Zoals paddenstoelen de bovengrondse vruchtlichamen zijn van de ondergrondse vertakkingen en verbindingen van het mycelium, zo zijn onze bovengrondse uitingen de vruchtlichamen van het onderhuidse, onzichtbare netwerk van onze verdedigings- en overlevingsmechanismen.
Alleen, al moet dat ergens inert aanwezig zijn geweest, dat netwerk, en vooral ook die vruchtlichamen, schijnen ons haast exobiologisch van aard.
Alsof het niet inert uit onszelf afkomstig is, maar wel meester over ons is.
En waar elk mycelium z’n eigen specifieke vruchtlichamen produceert, zo lijkt er in dat “mij” een vertakt en verbonden mycelium te zitten dat uit verschillende mycelia bestaat.. en op eender welk moment eender welk vruchtlichaam tot uiting kan laten komen.
Het is moeilijk om daarover controle te krijgen, moeilijk om controle te nemen over m’n eigen gedachten en gevoelens die, geïnfecteerd door die trauma-mycelia, dikwijls tot vruchtlichamen-gedrag leiden dat niet m’n echte “ik” representeert, maar enkel een reflexmatig anticipatie-gedrag vanuit verdedigings- en overlevingsmechanismen vertoont.
De enige zelfbescherming daarin van dat “ik”, ligt in die dissociatie.
Dat mycelium neemt over en toont het vruchtlichaam dat op eender welk moment nodig geacht wordt.
En als dat “ik” niet in een beschermende bubbel van dissociatie zou verdwijnen, zou dat mycelium heel waarschijnlijk heel dat “ik” mee verteren.
Dissociatie als beschermende bubbel tegen overname
En dat leidt vooral, maar zeker niet alleen, in directe interactie tot die ‘overname’ door dat mycelium.
Waardoor, bijvoorbeeld, die teksten niet afgewerkt worden.
Misschien is het nu tóch al posten van die tekst over “het Individueel-Collectief-Membraan”, ook al was die voor m’n “ik” nog niet af, wel een poging om toch controle te proberen nemen over m’n eigen, meervoudig, meanderend “ik”.. en de gedachten en gevoelens die daar ‘leven’.
Die tekst ís niet perfect! Maar het is goed zo.
Goed genoeg voor ons.
En als dat leidt tot diezelfde dynamiek zoals die die in directe interactie met mensen bestaat, dan is het maar zo.
Als mensen, vanuit dat ICMe-denken, dat in elke interactie met ons onder andere tot uiting komt in een ons constant onderbreken, waarbij wij dan in een door “met verstomming geslagen”-stilzwijgen vervallen, en zonder echt te luisteren naar wat wij proberen te zeggen voor ons invullen wat zíj dénken wat we willen zeggen, ook die teksten op die manier interpreteren en invullen..
Dan is ook dat maar zo.
Het doorbreken van de “met verstomming geslagen” stilte
Als, zoals onlangs (en altijd), iemand met ons in interactie gaat, ons een vraag stelt, maar nog voor we een antwoord kunnen geven hebben ons onderbreekt, om enkel naar z’n eigen ICMe-monoloog te luisteren, die aan ons ook op te dringen en ons daar zelfs verantwoordelijk voor te stellen, dan ga ‘k proberen van ons dat niet meer kwalijk te nemen.
“Ik” is niet! verantwoordelijk voor de gedachten, gevoelens en het gedrag van een ander!
Heel m’n bestaan lang heb ‘k dat wel gedacht.
En nog he.
Dat is ook wat ‘k ken he.
Dat is wat me van dag één letterlijk en figuurlijk is bijgebracht.
Dat “ik”, in al wat “ik” doe, denk en voel, verantwoordelijk is voor al wat een ander denkt en doet en voelt.
Heel m’n bestaan loop ‘k daardoor al op eieren.
Bang, om ook maar iets te denken of te voelen of te doen dat hoe of wat dan ook een ander negatief zou kunnen beïnvloeden.
Elke stap, elke gedachte, elk gevoel afwegend en onderdrukkend, om toch maar zeker niemand tegen de borst te stoten.
Om toch maar zeker niemand te kwetsen, gewoon omwille van “ik”.
Bang, om ‘liefde’ geweigerd te worden, die u toch geweigerd wordt.
Met alles en iedereen rekening houdend, terwijl je zélf schandelijk respectloos vertrappeld wordt.. en nog eens wordt afgerekend op uw ‘vertrappelde’ staat.
Het einde van de valse verantwoordelijkheid voor de ander
U tegen dié onrechtvaardigheid probeert te verzetten, maar dan enkel in een meedogenloos zelfverwijt.
Neen!
Dat kan niet meer.
Dat kan niet blijven duren.
Het heeft zelfs al veel te lang geduurd.
En sorry, maar als mensen te dom zijn, als die niet voorbij hun ICMe-denken, -voelen en -doen kunnen..
Als die niet inzien dat die vastzitten in een individueel-collectieve monoloog met zichzelf en daarbuiten niets meer kunnen horen of zien, dan is dat niet ónze fout of schuld.
Dat is niet onze verantwoordelijkheid.
Nooit geweest!
Ook al is die ons van dag één in de schoenen geschoven: NOOIT GEWEEST!
En we gaan die ook niet meer dragen of aanvaarden.
Werkelijk!
Heel m’n “ik”, elk deel in dat “ik”, is liever voor de rest van de tijd die ons hier nog rest helemaal alleen, dan dat we ons nog zó verschrikkelijk eenzaam en leeg moeten voelen.
Wat ‘k mis, en ontzettend hard naar verlang, weegt helemaal niet op tegen dat “mezelf” continu verliezen in een verantwoordelijkheid en een schuld die nooit van “mij” is geweest.
ᗪ𝒾∂เรᗪ𝔫ค©️MMXXIV
Epiloog: De wet van de mycelium-bevrijding
“Wanneer het trauma zich als een onzichtbaar mycelium door de diepste lagen van de hardware vlecht, is elk woord en elke daad slechts een vruchtlichaam van een overlevingsgevecht. De grootste leugen van de kolonie is de opgelegde verantwoordelijkheid voor de emotionele stilte van de ander. Wie echter leert dat de bubbel van dissociatie geen gevangenis is, maar een schild, vindt de kracht om de schaduwteksten van het leven te publiceren. De bevrijding begint waar het lopen op eieren stopt: in het besef dat het zelfverlies in de ander vele malen dodelijker is dan de absolute eenzaamheid van het alleen-zijn. Wij dragen de schuld niet langer; wij laten de vruchtlichamen voor wat ze zijn en eisen de grond onder onze eigen voeten op. didisdna.”