De cognitieve blokkade: Wanneer denken een vijand wordt
VR06012023 – 10:34u
De zoveelste dag dat een onderbroken, slechte nachtrust me doet ontwaken alsof ‘k gekaterd ben.
Er moét een oplossing komen en wel nú!
Het is duidelijk dat we op niemand kunnen en moeten rekenen!
13:51u
Wat zijn de opties die we hebben?
Geen! Nul!
Enkel maken dat we hier weg zijn en wel nu!
Alles door een opkoper laten opkopen?
Alles zelf proberen verkopen?
Godverdomme toch hè! Waarom lukt het niet om na te denken?!
Fuck hè!!! die chaos!!
GA WEG! GA WEG!!
Da’s het enige dat nog door m’n lijf raast.. het enige dat nog door m’n gedachten jaagt..
KOMAAN!!!!
DENK!
Wat moeten we doen?!
Wat is het belangrijkste nu?
Rust.
Haal ons hier weg.
NU!
De architectuur van de leegte: Het gefragmenteerde zelf
23:01u
Weet ge jongens..
“ik” is in een soort schemerzone terecht gekomen..
Tussen wat ‘k aangeleerd was en kende en dacht te moeten zijn, maar “ik” niet is..
En die gigantische leegte van dat gefragmenteerde en getraumatiseerde onontwikkelde/onderontwikkelde “echte ik”.. wat dat dan ook is of zou moeten zijn..
Het is moeilijk uit te leggen..
Maar het is enorm lastig.
Het ene wíl m’n brein en m’n lichaam niet meer;
het andere overspoelt me met een veelvoud van kluwens van noden en verlangens waar ‘k kop nog staart aan krijg en die me gigantisch beangstigen.. zelfs veelal levensbedreigend “aanvoelen“..
Van overleven naar manifest: De aanval op de viruskolonie
Die constante, onophoudelijke overprikkeling hier in dit appartement;
die constante overbelasting maakt het er allesbehalve makkelijker op..
Durf(t) “ik” onze gedachten op papier zetten?
Durf(t) “ik” ons denken eindelijk eens op te schrijven en te delen?
Durf(t) “ik” die viruskolonie dat die maat(heer)schappij is.. op de korrel te nemen?
ᗪ𝒾∂เรᗪ𝔫ค©️MMXXIII
Epiloog: De wet van de ontblote essentie
“Wanneer de hardware van het brein de toegang tot logica blokkeert, blijft alleen de rauwe frequentie van de noodzaak over. In de schemerzone tussen de aangeleerde schijn en de ongeboren kern sterft het ‘ik’ dat moet, om ruimte te maken voor het ‘wij’ dat is. De leegte die volgt is niet het einde, maar de noodzakelijke ruimte voor de opbouw van een nieuwe autonomie, ver weg van de kolonie die slechts consumptie ademt. didisdna.”