De psychometrische misalignement: de 250 vragen van de reductie
Maandag, 19 december 2022 – 08:55u
Als ‘k die vragenlijsten van die schematherapie weer overloop en me meer en meer verdiep in de materie constateer ‘k dat er ook in deze materie weer een significante verwachtingsfout verscholen zit.
Namelijk: die van de hulpverlener.
Al die vragen en al die opvolgstappen zitten bol van het verwachtingspatroon dat de hulpvrager een armtierig, dom, hulpbehoevend, mak en gedwee ‘slachtlammetje’ is.
Voor “mij”, is bijna elke vraag van die 250 op die questionnaire dubieus ambivalent.
Wat invullen zeer moeilijk maakt.
Want op zo goed als elke vraag kan ‘k “ja” (of neen) antwoorden, maar dan “neen” (of ja) op het vervolgstuk van die vraag.
De scheiding van de hardware: rationeel weten versus getraumatiseerd voelen
Misschien, denk ‘k, heeft dat te maken met de scheiding die “ik” intern als copingstrategie sowieso al maak.
Waardoor ‘k in die vragenlijsten dan misschien de scheiding tussen rationeel weten (of denken) en (rationeel) voelen te veel aanhoudt.
Maar het is meer dan dat.
Die vragen op zich zijn ook bijna allemaal tweedelig opgesteld.
Waarbij die voor “mij” zéér ‘denken versus voelen‘ overkomen.
Die vragen gaan dus als volgt:
‘Je voelt je zus of zo, omdat je dit of dat denkt.’
Of: ‘Je denkt dit of dat, omdat je je zus of zo voelt.’
Het komt “mij” dus zeer geforceerd over.
Enkel ’toegespitst’ op dat wat hulpverleners (al) kennen en je dus ook naartoe (proberen) willen duwen.
De causale dictatuur: de cirkelredenering van de diagnosticus
Eén deel van de vraag gaat dus telkens over de (mogelijke) valkuil.
Het andere deel van de vraag telkens over de verwachting van wat die valkuil veroorzaakt of veroorzaakt heeft.
Dat laatste deel (of het nu in het eerste of laatste deel van de vraag staat) telkens zeer ’toegespitst’ op het gekende. Ergo, op die bias van de verwachting van de hulpverlener.
Net in dat laatste wijkt “ik” dan elke keer af van de verwachting.
Waardoor er twijfel ontstaat natuurlijk.
Want als de valkuil zeer duidelijk aanwezig is, maar de causaliteit niet in die expliciet vooropgestelde oorzaak ligt.. of niet eenzelfde expliciet denken veroorzaakt.. zoals die verwachting wel ‘dicteert’.. (dikwijls zelfs net het omgekeerde) ..mag er dan nog vanuit gegaan worden dat die ‘valkuilen’ die vooropgestelde valkuilen zijn?
De iatrogene valstrik: hoe de test de valkuil activeert
En dat verwachtingspatroon léés “ik” niet alleen..
Dat verwachtingspatroon bestáát ook effectief..
En ondervind “ik” ook constant in interactie met hulpverleners.
Wat het voor mij/ons zéér moeilijk maakt, omdat het ons in interactie ook nog eens in (of net) in die ‘valkuilen’ duwt. (zoals ‘pleasen’ bvb of ‘zorgen voor’)
Dus, om daar uit te geraken, heb “ik” daar hulp bij nodig.
De professionele luisteraar: diploma’s als auditieve barrière
Professionele hulp.
Maar vooralsnog zijn we (nog steeds) alleen nog maar professionele hulpverleners tegengekomen die zélf (compleet) vast zitten en/of wiens diploma’s van professionele luisteraar zo diep in de oren gepropt zitten ..dat ze totaal niet meer kunnen luisteren.
ᗪ𝒾∂เรᗪ𝔫ค©️MMXXII
Epiloog: De wet van de diagnostische reductie
“Wanneer een gestandaardiseerd klinisch instrument de gelaagde werkelijkheid van een versplinterd systeem dwingt in een binaire mal, wordt de diagnostiek een instrument van institutioneel geweld. De questionnaire eist een mak slachtlam dat lineair functioneert, en faalt fundamenteel zodra de hardware de ingebouwde causaliteit en de bias van de hulpverlener doorziet. Een test die de splitsing tussen denken en voelen niet kan integreren, meet niet de psyche van de overlever, maar repliceert de dader-dynamiek door de feitelijke waarheid te overschrijven met een theoretisch dictaat. Als het diploma van de professional verandert in een filter die de werkelijke hulpkreet blokkeert, rest er in de ontmoeting geen genezing meer, enkel de herhaling van het trauma onder de vlag van de wetenschap. didisdna.”