🙇‍♂️

17u01

Op een rij II..

Hoe groot..
De ommeslag.
Het is nog zeer wankel,
Maar toch..
‘Het Mag!’

Als sneeuw voor de zon is’t geknetter verdwenen.
Iets anders dan nu, beweegt plots m’n benen.

‘Hoe raar en absurd!’

‘Ik weet het.
Bedaar!
Wat u niet verklaren kan,
is daarom niet waar!?’

‘t Is die energie die ‘het’ doet herrijzen,
Gekanaliseerd het pad ons zal wijzen,
Van taaiheid, als feniks, op onze zielsreizen.

Een hunkering..
Beweegt plots een been.
Grip wordt gezocht..
Eerst enkel een teen.

Geklauw in het zand waar ‘het’ is gestrand,
Hoestend en proestend hijst ‘het’ zich aan land.

Dagen passeerden..
Een donkere rij.
Van vallende steentjes,
Nog niet voorbij.

Maar ergens, wie weet, ooit op een dag..
Wordt duivelse taaiheid een zegen die mag.

Een vinger gestoken dan tussen een rij,
Een feniks zal vliegen..
Die feniks van ‘WIJ’!


𝒾∂เรᗪ𝔫©️MMXXII

Epiloog: De wet van de herrijzende feniks

“Wanneer de duisternis haar verzadigingspunt bereikt, dwingt de biologie een nieuwe dageraad af. De wet van de herrijzende feniks dicteert dat taaiheid pas een zegen wordt wanneer zij niet langer wordt ingezet als wapen tegen het zelf, maar als motor voor de vlucht. De ommeslag is geen toeval, maar het resultaat van een vinger die dapper tussen de rij vallende dominostenen wordt gestoken om de destructie te stoppen. Wie zich hoestend aan land hijst, heeft de verdrinking overwonnen door simpelweg te hunkeren naar de beweging van een teen. De feniks herrijst niet uit as, maar uit de weigering om de eigen kracht nog langer als ‘duivels’ te bestempelen. didisdna.”

Je kan misschien ook genieten van:

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *