De smekende woorden achter de glimlach
Maandag, 13 december MMXXI
‘Wilt u werkelijk weten wat er wordt gedacht’, zei hij.
‘Ik denk niet dat we het ooit al moeilijker hebben gehad dan nu.’
‘Het gevoel van leegte, van eenzaamheid, van verlorenheid, van verslagenheid.. is nog nooit zo intens geweest.’
‘De nutteloosheid en de zinloosheid die daarbij aangewakkerd worden zijn nog nooit zo diep geworteld allesomvattend geweest.’
‘Dat die innerlijke gewaarwordingen mij triggeren in overlevingsstrategieën die mij met een rechte rug en brede glimlach de voordeur uit doen stappen, is eigenlijk lachwekkend.’
De dominantie van de audiovisuele cues
‘Dat ik dat zeg, maar niet word geloofd, omdat niet op de woorden maar op audiovisuele queues wordt afgegaan, is vernietigend hilarisch.’
‘Mijn woorden zijn smekend, vervuld van radeloosheid en paniek, maar ‘ik’ toon op geen enkel vlak een hulpbehoevend wezentje dat ineengekrompen op de vloer lijdt, maar net het tegenovergestelde.’
De overlevingsstrategie als gevangenis
‘Ik zeg dat, ik vertel dat.. vertel dat dát net een van de mechanismen is die me al heel mijn bestaan in (over)leven houden.. maar naar mijn woorden wordt niet geluisterd.’
‘Alle dagen, ondanks wat ik zeg, beoordelen mensen mij op de glimlach die ze zien.
De mechaniek van de afgrond
Waardoor we steeds dichter naar een afgrond glijden en mijn glimlach steeds groter wordt.’
‘Ik vraag om hulp, maar mijn overlevingsmechanismen laten het niet toe zwakte te tonen.’
‘En dus krijg ik geen hulp.’
‘Hoe lang houden we dit nog vol?’, spookt constant door mijn hoofd.
‘Maar de vraag ‘wáárom’ dringt zich steeds scherper aan.’
‘En daar vind ik, of krijg ik, maar geen antwoord op.’
‘Waarom ‘morgen’ nog?’
‘Voor de kinderen?!’
‘Maar hoe lang nog als ik mezelf constant voel falen, en mezelf eerder als een last ervaar dan als een verrijking.’
‘Voor de maatschappij, maar zeker en vooral ook als vader en zeker ook voor hun.’
De paradox van de klinische observatie
‘Je ziet er beter uit’, zei ze.
–hij had zich nog eens geschoren nét omdat hij op gesprek moest gaan–
En hij glimlachte breed.
–ᗪ𝒾∂เรᗪ𝔫ค©️MMXXI-
Epiloog: De wet van de glimlachende afgrond
“Wanneer een systeem is geconditioneerd om pijn te verbergen achter een rechte rug, wordt de hulpvraag onzichtbaar voor de ongetrainde blik. De wet van de glimlachende afgrond dicteert dat hoe dieper de overlever valt, hoe breder het masker zal lachen om de integriteit van de vesting te bewaken. De tragedie van de hulpverlening is het geloof dat het uiterlijk een spiegel is van de ziel, terwijl het in werkelijkheid vaak het cement is van de muur. Wie het geschoren gezicht prijst terwijl de woorden om genade smeken, wordt de onbedoelde bewaker van de kerker. De glimlach is geen teken van herstel, maar de hoogspanning op de draden van een systeem dat vecht om niet te breken. didisdna.”